Engelse woordenschat voor groep 7: hobby's, vervoer, natuur en veelgebruikte werkwoorden en bijvoeglijke naamwoorden, met Nederlandse vertaling. Deel 2 van 2.
music
muziek
song
liedje
game
spel
ball
bal
bike
fiets
car
auto
bus
bus
train
trein
plane
vliegtuig
boat
boot
swim
zwemmen
dance
dansen
sing
zingen
draw
tekenen
paint
schilderen, verven
walk
lopen
climb
klimmen
ride
rijden (op een fiets of paard)
throw
gooien
catch
vangen
tree
boom
flower
bloem
grass
gras
river
rivier
sea
zee
mountain
berg
beach
strand
forest
bos
stone
steen
leaf
blad
happy
blij, gelukkig
sad
verdrietig, triest
fast
snel
slow
langzaam
new
nieuw
old
oud
clean
schoon
dirty
vies, vuil
long
lang
short
kort