In plaats van herhaaldelijk 'said' te gebruiken: claim, suggest, insist, deny, admit, warn en meer. Verbeter je indirecte rede in gesproken en geschreven Engels.
He claimed he was innocent.
Hij beweerde dat hij onschuldig was.
She suggested going to the beach.
Zij stelde voor om naar het strand te gaan.
They insisted on paying.
Zij stonden erop te betalen.
He denied stealing the money.
Hij ontkende het geld gestolen te hebben.
She admitted (to) lying.
Zij gaf toe gelogen te hebben.
The doctor warned him about the risks.
De dokter waarschuwde hem voor de risico's.
She apologized for being late.
Zij bood haar excuses aan omdat ze te laat was.
He promised to help.
Hij beloofde te helpen.
She refused to answer.
Zij weigerde te antwoorden.
They agreed to meet at noon.
Zij stemden ermee in om elkaar om twaalf uur te zien.
He recommended trying the new restaurant.
Hij raadde aan het nieuwe restaurant te proberen.
She offered to drive me home.
Zij bood aan om me naar huis te brengen.
He threatened to call the police.
Hij dreigde de politie te bellen.
She accused him of cheating.
Zij beschuldigde hem van valsspelen.
They blamed the weather for the delay.
Zij gaven het weer de schuld van de vertraging.
He confessed to the crime.
Hij bekende de misdaad.
She complained about the noise.
Zij klaagde over het lawaai.
He explained the procedure.
Hij legde de procedure uit.
They announced the merger.
Zij kondigden de fusie aan.
She mentioned that she was tired.
Zij zei terloops dat zij moe was.
He pointed out the mistake.
Hij wees op de fout.
She argued that the plan was flawed.
Zij betoogde dat het plan niet deugde.
He persuaded me to come.
Hij overtuigde mij om te komen.
She reminded me of the meeting.
Zij herinnerde mij aan de vergadering.
He confirmed the booking.
Hij bevestigde de boeking.